Waarom steeds meer gemeenten kiezen voor emissievrij groenonderhoud
Wij spreken dagelijks met gemeenten, groenaannemers en beheerders die de omslag naar emissievrij onderhoud aan het maken zijn. Minder op diesel, meer op ‘groen’. De redenen waarom lopen uiteen. Maar de beweging is onomkeerbaar. En bovendien: bewoners en omstanders staan tegenwoordig vol bewondering te kijken hoe emissievrije en geluidloze machines hun werking doen.
Wetgeving dwingt, de overtuiging groeit en soms moet het gewoon
Steeds meer gemeenten voeren zero-emissiezones in en stellen emissievrij werken verplicht in aanbestedingen. Dat raakt ook aannemers die in opdracht van gemeenten werken: wie niet emissievrij kan (of wil) werken, valt straks buiten de boot en daarmee buiten de aanbesteding.
Emissievereisten in bestekken worden bovendien concreter. Wat ongeveer een jaar geleden nog een “voorkeur” was, staat nu steeds meer als harde eis in aanbestedingsdocumenten. CO2-reductie wordt meetbaar gemaakt. Wat wij daarvan merken: de besluitvorming gaat daardoor sneller.
Toch is wetgeving zelden de enige reden. Steeds vaker klinkt er een oprechte overtuiging door: “We moeten het goede voorbeeld geven.” Gemeenten opereren in de openbare ruimte en zijn zichtbaar voor iedere inwoner. Wie vraagt van burgers en bedrijven dat zij verduurzamen, kan moeilijk zelf met een dieselvloot door het stadspark rijden.
Soms is de reden simpelweg dat het moet van bovenaf. Ook dat is een werkelijkheid die wij herkennen. De motivatie verschilt per gemeente. Wat telt, is dat de beweging naar emissievrij groenonderhoud wordt gemaakt.
Let op: beschikbaarheid is geen strategie
Eén aandachtspunt: gemeenten en aannemers die onder druk van een aanbesteding te snel beslissen, gefixeerd zijn op levertijd in plaats van de beste langetermijnoplossing. Seizoens-afhankelijke levertijden spelen daarin een rol. Echter: een keuze die puur door beschikbaarheid wordt gedreven is zelden de sterkste keuze. Het loont om ook in dit proces even pas op de plaats te maken en goed rond te kijken.
Geluid en leefbaarheid: een onderschat argument
Naast emissies is geluid een groeiend thema. Een elektrische werktuigdrager werkt vrijwel geruisloos vergeleken met een diesel- of andere brandstofmachine. Dat maakt een wereld van verschil in parken, woonwijken en op schoolpleinen.
Wat wij zien in de praktijk: de omgeving reageert anders op een stille machine. Omstanders lopen niet weg. Kinderen blijven staan kijken hoe er gewerkt wordt. Bij een ronkende machine liepen mensen juist snel door. Voor een gemeente die zichtbaar wil zijn als betrouwbare beheerder van de openbare ruimte, is dat verschil in beleving veelzeggend.
Betere werkomstandigheden voor de machinist
Een argument dat zelden als eerste wordt genoemd, maar in de praktijk zwaar weegt: de gezondheid en het werkcomfort van de bestuurder. Dieselmachines produceren trillingen, lawaai én uitlaatgassen. Dat is dagelijks belastend voor de mensen die ermee werken.
Wij spraken een machinist in Noorwegen die door jarenlange blootstelling aan lekkend uitlaatgas in de cabine nog maar zeventig procent van haar longcapaciteit had overgehouden. Dit is weliswaar een extreem voorbeeld, maar ook een signaal. Elektrisch werken is voor machinisten aanmerkelijk gezonder en comfortabeler.
Gemeenten en andere overheidsinstanties die verantwoordelijk zijn voor de arbeidsomstandigheden van hun eigen personeel of die van aannemers, zien dit steeds vaker als een serieus argument bij de keuze voor elektrisch materieel.
Wat gemeenten verrast als ze eenmaal met een AllTrec werken
“Eerst zien dan geloven” is een patroon dat wij keer op keer herkennen. De twijfels voor de overstap zijn voorspelbaar: haalt de machine de werkdag, is de techniek al volwassen genoeg, wat kost het echt? Zodra je een volledige dag met een AllTrec hebt gewerkt, verdwijnt die twijfel. De praktijk doet het werk. Wat gemeenten zoals Bremen (D) meemaakten na de overstap, laat dat goed zien.
Wat gemeenten daarna het meest verrast, zijn de dingen die ze niet hadden voorzien. Het gebruiksgemak voor de machinist. Dat de productiviteit niet lager is dan met diesel, maar in veel gevallen zelfs hoger door minder onderbrekingen. En hoe goed de machine ontvangen wordt door de omgeving.
Het beste bewijs van betrouwbaarheid zijn klanten die willen opschalen. Wie met één AllTrec begint en vervolgens uitbreidt naar meerdere machines, geeft daarmee het duidelijkste signaal: het werkt. Als dat niet zo was, zou het na de eerste machine stoppen. Bekijk ook de andere ervaringen van klanten.
Bezwaren die wij het vaakst horen
Actieradius: “Haal ik mijn werkdag?” Dit is het meest gehoorde bezwaar. Onze elektrische werktuigdragers zijn geen ombouw van een dieselmachine, maar vanaf de basis elektrisch ontworpen. De AllTrec 8015F heeft een accucapaciteit tot 75 kWh. In vrijwel alle praktijksituaties is dat ruim voldoende voor een normale werkdag.
Aanschafprijs: “Die ligt hoger dan bij diesel.” Dat is een feit. Maar de total cost of ownership vertelt een ander verhaal. Lagere energiekosten, minder onderhoud en minder stilstand: over de looptijd van de machine is elektrisch in de meeste gevallen goedkoper.
Betrouwbaarheid: “Is dit eigenlijk al volwassen techniek?” In de praktijk: klanten met tien tot vijftien AllTrec-machines in gebruik zijn het beste antwoord.
Laadinfrastructuur en restwaarde: Geen onoverkomelijke obstakels, maar wel zaken die om voorbereiding vragen. Eerlijk zijn over die beperkingen is onderdeel van hoe wij werken.
De overstap aanpakken: zo begin je
De grootste valkuil die wij zien is niet de techniek. Die voldoet, dat is inmiddels bewezen. De valkuil zit in de aanpak. Wie de overstap enkel benadert als “we vervangen een machine” loopt vast. Wie het ziet als een verandering van werkwijze, maakt het succesvol.
Dat begint met inzicht in de eigen situatie: welke werkzaamheden worden uitgevoerd, hoeveel uren per dag, welke routes worden gereden? Denk ook na over welke toepassingen je het hele jaar door nodig hebt: van maaien en onkruidbestrijding tot winterdienst. Betrek gebruikers en monteurs vroeg in het proces, niet pas bij de levering. Denk ook praktisch na over onderhoud en energievoorziening: dat zijn allemaal onderdelen van de nieuwe werkwijze.
Bij AllTrec werken we hierin nauw samen met een netwerk van ervaren importeurs en dealers. Zij begeleiden gemeenten en aannemers in de praktijk, van eerste advies tot demo en eventuele pilot of huuroplossing. Deze partners kennen de lokale situatie, spreken de taal en hebben de ervaring om organisaties goed te begeleiden in de overstap. Wij zorgen dat je in contact komt met de juiste partij.
Kijk bij de investering naar het hele financiële plaatje. Belangrijk aandachtspunt is dat de traditionele scheiding tussen investeringsbudget en exploitatiebudget bij elektrisch materieel vaak niet meer goed aansluit op de werkelijkheid. Hoewel de initiële investering hoger kan zijn, leiden lagere operationele kosten in de praktijk vaak tot een gunstigere Total Cost of Ownership. Het is daarom belangrijk om de investering integraal te beoordelen over de volledige levensduur van de machine.
De beweging is ingezet
In Nederland en Scandinavië lopen gemeenten voorop. In Duitsland groeit de adoptie ook snel. De stap naar emissievrij groenonderhoud is geen kwestie meer van “of”, maar van wanneer en hoe.
Wil je weten wat de overstap voor jouw gemeente of organisatie concreet betekent? Wij denken graag met je mee, van eerste verkenning tot praktijkdemo op je eigen locatie.
Heeft u advies, prijzen of een demo nodig? Ons team helpt u graag verder.
Neem contact op